Een bodem herbergt veel biodiversiteit, zowel ondergronds als bovengronds. Bodembiodiversiteit wordt ook wel bodemleven genoemd. Het bodemleven is onmisbaar voor het vrijmaken van voedingsstoffen, de opbouw van bodemstructuur en de natuurlijke bestrijding van ziekten (schimmels) en plagen (insecten). Hiermee levert bodembiodiversiteit een essentiële ecosysteemdienst aan de landbouw.

Ondergrondse biodiversiteit

Iedere bodem bevat talloze soorten levende organismen, naast plantenwortels leven er grote aantallen onzichtbare bacteriën en schimmels tot veel meer ontwikkelde insecten en wormen in. Per hectare Nederlands landbouwgrond bevindt zich in de bovenste laag van 25 cm ongeveer 3.000 kg (vers gewicht) aan bodemorganismen, overeenkomend met het gewicht van vier koeien (Compendium voor de Leefomgeving).

Nutriënten

Het bodemleven zorgt voor de afbraak van organisch materiaal. Bij deze omzettingen komen afvalstoffen vrij, die op hun beurt dienen als voeding voor andere bodemorganismen. Of ze komen beschikbaar als in water oplosbare voedingsstoffen (nutriënten) voor de plant.

Het afbraakproces van dood organisch materiaal in de bouwvoor gaat in drie stappen:

  1. Consumeren van dood organisch materiaal, door micro-organismen zoals bacteriën en schimmels
  2. Opeten van de micro-organismen door schimmel- en bacterie-etende nematoden,
  3. Predatie door roofaaltjes, roofmijten en springstaarten

Daarnaast wordt organisch materiaal ook rechtsreeks door wormen verteerd.

bodemvoedselweb agroxpertus

Bron: www.blgg.agroxpertus.nl

Bodemstructuur

Het bodemleven zorgt voor de opbouw van een goede bodemstructuur door:

  • Losmaken van verdichte grond door gangen te graven.
  • Mengen en transporteren van organisch materiaal en bodemdeeltjes.
  • Maken van poriën in de bodem die bijdragen aan de opslag van water en lucht in de bodem.

Bovengrondse biodiversiteit

Het bodemleven reageert op elkaar en heeft interactie met wortels van planten en met bovengrondse planten en dieren. Een gezonde bodem met een divers bodemleven betekent een gunstige leefomgeving voor andere planten, vogels en zoogdieren.